Hoofdstuk 1: 1970-1974 Gekooid in Heerhugowaard door Eendenkooi

In 1968 was er een garagehouder in Den Helder, die contact zocht met de NFN voor de oprichting van een nieuwe naturistenvereniging, waarbij gebruik gemaakt kon worden van zijn terrein bij de Eendenkooi. Op 25 april 1970 werd in Alkmaar in een klein cafeacutezaaltje ‘Het Gulden Vlies’ de Naturisten Vereniging “De Vrije Vogels” opgericht door o.a. ontevreden leden van de naturistenvereniging “Zon en Leven”, waar naast het naturisme ook andere leefregels waren t.a.v. roken, alcohol en vlees.

Aanvankelijk dacht men te kunnen beschikken over deze Eendenkooi, maar het bleek een beschermd gebied te zijn, zodat deze plek afviel.

De oorspronkelijke naam “De Vrije Vogels”, passend bij de Eendenkooi en bij de beoogde leefwijze, bleef wel behouden en uiteindelijk vond een inmiddels uitgegroeid clubje van bijna 100 leden in Heerhugowaard onderdak op een terreintje achter een varkensschuur van boer Cor Bleeker, lid van de vereniging. Op dit unieke terreintje van 1 ha werd in een kippenhok als ontmoetingsruimte flink wat afgeklept, toen al. Vandaar de naam Klepkooi. Verder kon je gedeeltelijk voorlopig af en toe gedoogd kamperen in het weekend en met behulp van plastic in een kuil werd een zwembad. Later kwamen er verdere verbeteringen en uitbreidingen, maar het bleef onzeker of het terrein officieel zou mogen blijven bestaan.

Hoofdstuk 2: 1974-1975 Van het knusse Heerhugowaard naar het paradijs in Midwoud

In maart 1972 verscheen het eerste Vrije Vogelnieuws, toen ook al met het welbekende logo. Het was ontworpen door Loes van Aalst. Van 1976 t/m 1978 kwam er een getekende vliegende vogel op de voorkant, in 1979 wat onduidelijke meeuwen, maar 5 jaar later kwam in 1982 het logo, gestileerd door Wim Zwijsen, terug op een boom en vogels in de lucht.

In het eerste Vrije Vogelnieuws kwam toen de naam Midwoud al voor als mogelijke plek voor een officieel naturistenterrein na een algemene oproep en advertentie in de krant voor een naturistisch kampeerterrein. De fruitteler Piet Groot in Midwoud was met zijn vrouw Marie Groot-Bruijn (een sterke steun en medestander voor een naturistenterrein, die helaas op 22-12-1978 overleed) bereid om te investeren in zijn boomgaardterrein en het daarna te verhuren met voor ons het recht van koop in de toekomst. De grotendeels (hervormde) gemeente, met gelukkig een progressieve humanistische burgemeester Smit, was positief t.a.v. de stichting van een naturistenterrein in hun dorp.

De stichting “De Bongerd”, later “Phytalia” (Tuin) genoemd,werd opgericht om het juridisch een vervolg te kunnen geven. In 1973 werden de laatste problemen t.a.v. financiering en de vereiste rioolzuivering opgelost en de inmiddels 151 leden hoopten in 1974 in Midwoud een start te kunnen maken met de ontwikkeling van het dan nog lege terrein. Helaas duurden de onderhandelingen over het eigendomsrecht en de pachtprijs nog tot eind 1974. Intussen was het aantal leden al gestegen tot 264.

De stemming bleef echter positief en er waren vele sportieve en culturele activiteiten op het Heerhugowaard terrein. De kampeerweekends buiten het kampeerseizoen op een boerderij in de Wieringermeer e.a. plaatsen werden toen en ook nog jaren daarna druk bezocht door de leden en fungeerden mede als een soort overleg- en discussieorgaan. Aan het zwemmen in o.a. Schagen en Haarlem en de tot voor kort nog jaarlijkse herfstwandelingen namen veel leden deel. Na tekeningen en schetsen verschenen de eerste echte zwart-wit foto’s in het Vrije Vogel Nieuws.

Hoofdstuk 3: 1975-1980 Groei en bloei in de boomgaard Midwoud

In 1975 kon na het tekenen van het contract op 22 augustus (20 jaar voor ongeveer 40.000 per jaar, investeringen van voorlopig 22 vaste plaatsen naar 120 & 150 kampeerplaatsen) begonnen worden met het werken op Midwoud en recreëren in Heerhugowaard. Voor de eerste investeringen werd geld opgehaald via een obligatielening bij voornamelijk leden. Met een aanvullende lening bij de NFN kon er al in dat jaar en de winter er opvolgend hard gewerkt worden voor een klepkooi, sanitairblok, sport- en zwemgelegenheid.

Zelfs een sauna stond al op de lijst, maar niet als prioriteit. Laatstgenoemde voorziening komt regelmatig terug in de planning met minstens 5 x een commissie, maar staat na 40 jaar nog steeds als geen prioriteit op de lijst. Hopelijk bij de renovatie van de Klepkooi in de nabije toekomst zal het oude saunaplan in een nieuw jasje misschien eindelijk eens gerealiseerd worden. Aanvankelijk waren vanwege de financieun voor de huur alleen het huidige goudrenetten- en perenveld in gebruik voor kamperen.

De Klepkooi (vooralsnog een oude scheepsdokschaftkeet meegenomen uit Heerhugowaard), het kinder- en grote zwembad, het toiletgebouw, de twee volleybalvelden hadden al meteen hun huidige plek. Op de plaats van de huidige vijver kwamen een jaar later al meer parkeerplaatsen om het gestegen bezoekersaantal te kunnen ontvangen. Eerst was er nog geen aansluiting op het riool en werd met bezinkbakken gewerkt. Gelukkig kwam er riool op het Gouwtje en konden met een perspomp de toiletgebouwen en Klepkooi aangesloten worden. Wel bleef en blijft het riool problematisch, als er verstoppingen zijn, zeker als er b.v. een zwembroek?? in aangetroffen wordt.

Op 18 juni 1976 werd het terrein door de burgemeester Smit van Midwoud officieel geopend met het hijsen van de vlag en het loslaten van een aantal duiven, als symbool van Vrije Vogels. De “geklede” foto’s maken duidelijk, dat het dit weekend na weken van mooi weer erg hard regende.

De verloting van de vaste plekken gebeurde op dezelfde wijze zoals nu, maar in het begin met minder plaatsen op een kleiner terrein en ook was er een wachtlijst voor de plaatsen. Het ledental werd eerst op maximaal 400 gesteld, daarna 600 en dat is lang zo gebleven tot 1990, toen de inkomsten van meer leden (zelfs een periode even boven de 800) hard nodig waren om de huur van de uitbreiding en later de aankoop van het terrein en nieuwe investeringen te kunnen financieren. Ook een bron van inkomsten was in de late jaren 70 de verkoop van de appels, wat een 3000 gulden opleverde. Misschien ook een idee voor nu, maar dan zal de appelprijs wel een stuk hoger moeten zijn dan de huidige 30 cent de kilo.

Het maximum aantal leden gaf elke keer een flinke discussie over, wanneer het maximum bereikt was om de vereniging beheersbaar en gezellig te houden. Men wenste geen tweede Flevonatuur, wat als een te groot en te commercieel naturistenterrein werd gezien. In bestuur, commissies en VVN kwam dit regelmatig terug.

Je kon tot in de jaren 80 niet zomaar lid worden van een naturistenvereniging. Kandidaat-leden werden thuis door (bestuurs) leden bezocht om in een gesprek te kunnen bekijken, of ze bij de beginselen van de Vrije Vogels pasten. Hiervoor was al vroeg een beleidsplan opgesteld, dat regelmatig vernieuwd en aangepast werd en wordt. Dit ballotage-idee leefde steeds minder en is uiteindelijk losgelaten, al zouden sommige (oude) leden het eigenlijk wel af en toe terug willen hebben. Met alleen dit verenigingslidmaatschap had je toegang tot de Nederlandse en buitenlandse naturistenterreinen.

Ongeorganiseerde naturisten, die voor het buitenland een naturistenkaart nodig hadden, konden deze kaart op de campings in het buitenland aanschaffen, of lid worden van het Belgische Athena. Later kon je ook bij de NFN een SBN kaart (Stichting Begunstigers Naturisme) kopen. Deze “begunstigers” zorgden voor een belangrijke bron van inkomsten, waar o.a. de NFN organisatie en de verenigingen via leningen gebruik van maakten. Met deze kaart mocht je niet op de Nederlandse terreinen en zoals ik zelf ervaren heb, zagen de leden van de verenigingen de SBN’ers dan ook niet als echte naturist.

Pas in 1985 bij de Vrije Vogels als één van de eerste terreinen en bij sommige verenigingen nog veel later, waren de NFN/SBN leden ook welkom op de verenigingsterreinen, wel tegen een ook nu nog hoger, soms dubbel tarief. Vandaar de aparte tarieven voor eigen leden, andere verenigingsleden, NFN leden e.a., die nu nog steeds door de meeste Nederlandse naturistenverenigingen gehanteerd worden. Sinds een paar jaar echter wordt vooral op Franse commerciële terreinen de naturistenkaart niet meer verplicht gesteld.

De JNFN-ers (Jeugd Naturisten) wisten al snel, net zoals nu, het terrein te vinden voor hun bijeenkomsten. In vrijwel elk Vrije Vogelnieuws waren of meerdere bladzijden gereserveerd voor de JNFN. Ook zijn er de afgelopen jaren enkele internationale bijeenkomsten van de jeugd INF op Midwoud gehouden. De tienerkooi, in een oude werkschuur op de huidige plaats van de Kluskooi, werd bestuurd door een jeugdbestuur met een jeugdreglement.

Wel waren er periodes, dat er net zoals nu, tussen de ouderen en jongeren irritaties waren over het gebruik van de Tienerkooi met o.a. lawaai tot laat in de nacht, niet opruimen, grote troep, te jonge kinderen en ook te oudere jongeren/volwassenen. Regelmatig werd er dan schoon schip gemaakt met nieuwe afspraken en werd geld gegeven om het weer een beetje toonbaar te maken. Bij de nieuwe Klepkooi eind jaren tachtig kreeg de jeugd zolang de voor sauna gereserveerde ruimte. Hoewel er zoals gewoonlijk regelmatig geklaagd werd over de jeugd (“liefst in een geluidsdichte ruimte half onder grond”) zag en ziet men ook wel in, dat de jeugd belangrijk is voor de toekomst en de sfeer op het terrein. Aan het eind van vrijwel elk kampeerjaar wordt door de tieners een zeer drukbezochte thema feestavond voor iedereen georganiseerd.

Behalve kamperen, dagbezoek en gezellig binnen en buiten op het terras van de Klepkooi zitten, waren er vele activiteiten op sportief, cultureel en ander gebied. De sfeer in de jaren 70 en 80 was onderling zo gezellig, dat in het Vrije Vogel Nieuws verzocht werd om “bepaalde relaties” met o.a. buren en andere leden niet te duidelijk te tonen. Bij het sporten kon je tenminste wel al je energie kwijt. Wat nu Pétanque is op het terrein, was vroeger het volleybal. De twee volleybalvelden waren regelmatig in gebruik en het niveau werd steeds beter, waardoor na jaren van alleen meedoen ook voor de prijzen meegedaan kon worden. Behalve eerste plaatsen bij ontspanningsteams werden deze ook bij de prestatieteams behaald.

Dat gaf weer andere problemen, omdat de “betere” spelers liever met elkaar wilden spelen en niet met de “hobby” volleyballers. Nu mag men blij zijn, als er weer gevolleybald wordt op het terrein met “echte” volleyballers en recreanten. Het NFN volleybaltoernooi voor alle soorten volleyballers is daardoor nu weer meer een ” gezellige” bijeenkomst van de verenigingen en heeft het NFN jeu de boules de prestatiesfeer overgenomen. Via het NFN boules toernooi mag je tenslotte ook naar het buitenlandse INF toernooi, waar de Vrije Vogels leden ook regelmatig hoog eindigden.

Bij volleybal was het internationale toernooi inmiddels al afgeschaft vanwege het wel of niet bloot in de zaal spelen. Als alternatief werd er nog op uitnodiging bij elkaar op buitenlandse verenigingsterreinen gevolleybald tot in Duitsland en België. Dat gebeurt nu ook weer met de boulers, die een heel circuit in Nederland kunnen afwerken. Aanvankelijk waren de boulers wel een kleine groep, die volgens klachten ook boules-spelende kinderen wegjoeg, maar uiteindelijke werd de plek naast het volleybalveld als echte “sjeu de boel” (VVN) baan ingericht. Ook hier bespeur je steeds meer, dat er een aparte groep recreatieboulers en goed geoefende boulers is. Kinderen zijn nog steeds soms wel en soms niet gewenst en er is ook nog geen verlichting, zodat je ’s avonds in de buurt van de baan rustig zonder lawaai kunt slapen.

Andere sporten, zoals badminton, boogschieten, indiaca (bal met veren), werden ook door de NFN gepromoot, maar vonden weinig navolging. Wel is er nog steeds het jaarlijkse NFN zwemfeest, waarvoor de belangstelling nog redelijk blijft en ook enkele Vrije Vogelleden aan meedoen. Het internationale INF zwemtoernooi probeert men jaarlijks te organiseren in diverse landen, maar dat kost steeds meer moeite. Op Midwoud waren er eerst ook nog toernooien voor het tafeltennissen en het jeugdvoetbal. Er was zelfs tot een paar jaar geleden een jaarlijkse sport-en spelletjesdag, net als kamperen voor de kinderen.

Nu wordt er veel minder gebruik gemaakt van het voormalige volleybalveld als voetbalveld en is men op het idee gekomen om misschien van het voetbalveld, waar ook nog geprobeerd is een basketbalveldje te maken, een tennisbaantje te maken. De “rustige” sporten werden regelmatig beoefend met schaken (toernooien) , dammen en kaarten. Alleen het laatste is nog iedere maand een traditie en wordt door een vaste kern van leden bezocht. De dartsport, aanvankelijk een bescheiden Klepkooi initiatief, is al aardig wat jaren een druk beoefende bezigheid in de Klepkooi met een jaarlijks toernooi voor volwassen en kinderen. De laatste bijgekomen indoorsport is het biljarten met een vaste plek in de Klepkooi en is net als het darten tevens omzetverhogend.

Hiero Oosterbaan, het langst nog lid van de vereniging, was na de start in Heerhugowaard van adviseur uiteindelijk voorzitter geworden. Na de moeizame overgang naar en start op Midwoud heeft hij met hulp van de andere (bestuurs)leden de vereniging op organisatorisch, financieel en beleidsmatig gebied tot één van het grootste zelfstandige naturistenverenigingen doen uitgroeien. Veel latere ontwikkelingen en uitbreidingen zijn al in die tijd gepland. Net als in 2009 is er 30 jaar geleden ook een behoorlijk uitgebreide enquête (zonder computer!!) geweest, die we ter vergelijking met de in 2009 t.z.t. integraal in het Vrije Vogelnieuws zullen opnemen.

Het is ook het vermelden waard, dat in 1979 n.a.v. een meningsverschil over het plaatsen van financiële gegevens in het VVN duidelijk tussen het bestuur en de redactie van het VVN is vastgelegd, dat de redactie gezien de persvrijheid geen verantwoording aan het bestuur hoeft af te leggen, maar wel zorgvuldigheid zal betrachten t.a.v. de juistheid van de gegevens. De VVN verslagen van de bestuursvergaderingen heetten dan een tijd lang “broedsels” i.p.v. verslag. Sommigen bleven de inhoud van blad toch niet alleen “inspirerend en stimulerend” vinden, maar ook wel “insinuerend en agressief”. De verstandhouding tussen bestuur en redactie is daarna en ook nu nog regelmatig onderwerp van discussie geweest.

De vrijheid van meningsuiting en onafhankelijkheid van het VVN is gelukkig al die jaren toch overeind gebleven en mede daardoor zijn ook alle jaargangen erg leuk om te lezen en zijn het niet alleen mededelingen. Hierdoor krijg je een beter beeld van wat echt in de vereniging geleefd heeft. De huidige lay-out man Wim Zwijsen is dit jaar al 30 jaar een meer dan gewaardeerd en ook soms bekritiseerde medewerker, mede door zijn “speciale” tekeningen, krabbeltjes en ironische, prikkelende stukjes. Een “Wim 30 jaar” jubileumnummer met zijn droge speciale “Westfriese” humor zou een mooi apart beeld geven van een jarenlange kijk op het wel en wee bij de Vrije Vogels.

Gediscussieerd werd er n.l. toen ook al en vaak. Op het terrein soms meerdere malen per jaar in kleine groepen, avonden in de Klepkooi en zoals reeds genoemd op de kampeerweekends in Wieringerwerf, Den Helder, Texel en andere plaatsen. De laatste jaren niet meer en misschien is het raadzaam om dit weer proberen in te voeren. Door de groei van vooral het ledenaantal en nog meer van het terrein zijn we (niet alleen) volgens mij en ook enkele anderen meer van elkaar verwijderd dan wenselijk is. Er is een aantal keren ook gesproken om vanwege de problemen door groei een tweede terrein te stichten in Hippolytushoef, Oostwoud en nog in 2000 bij Enkhuizer Strand. Al deze plannen zijn uiteindelijk mede o.a. door de financiën, de grote werkdruk en toch nu langzame algemene terugloop van het ledenaantal niet doorgegaan.

Hoofdstuk 4: 1980-1990 Beheersing van de groei

Het 10 jarig bestaan werd uitgebreid gevierd met o.a. een unieke cabaretvoorstelling voor en door de leden. De jeugd kreeg een speciaal door Wim Zwijsen ontworpen embleem en de gebruikelijke Paas-, Sint-, Zomer-, Eindeseizoens-, Kerst- en Nieuwjaarsvieringen waren nog uitgebreider dan anders met o.a. een grote kunstexpositie in de Oude School te Midwoud met vele tekeningen, schilderijen en foto’s van leden. Op het terrein werden toen en later kinderspelen gehouden met volksdansen, pannenkoeken en zelfs oliebollen gebakken, wat een tijdlang een traditie in de zomermaanden is gebleven.

Voor het eerst wordt er naturistisch wat Wad gelopen via onze zustervereniging de Lichtbond Noord. Dit is daarna nog een paar keer herhaald. Het moet voor mensen op de boot een speciale ervaring geweest zijn om een groep blote mensen van het wad te zien aankomen. Er zijn zelfs, volgens zeggen, auto’s op elkaar gebotst bij afrijden van de veerboot. De sauna kwam ook steeds meer in de belangstelling en na omzwervingen bij sauna’s in Oostwoud, Den Ilp, Purmerend en andere plaatsen zitten we nu al jaren bij sauna Esnil.

De gemeente had ons terrein inmiddels ontdekt als bron voor hun financiën door toeristenbelasting te heffen met aanvankelijke bedragen van 100 tot 200 gulden per jaar, maar uiteindelijk toch veel minder per nacht. Veertig jaar later komt in 2010 door alle verhogingen het bedrag wel in de buurt hiervan.

Door de ruilverkaveling in deze Westfriese streek waren er mogelijkheden om het terrein van 5 ha naar 7 ha te vergroten op wens en advies van de eigenaar Piet Groot. Ondanks de “vrees” voor meer dan 1000 leden en de te hoge pachtprijs met bijbehorende lasten is men na uiteindelijk veel vergaderen en overleg akkoord gegaan met de uitbreiding. Zo kwamen de kampeervelden “De Schapenwei” en “Het Kaveltje” erbij met een geheel andere indeling dan het voormalige fruitbomenterrein door groepering van struiken met fruitbomen en ook op ieder veld 2 walnootbomen, die ieder jaar goed eetbare walnoten opleveren.

Er moesten daardoor meer bruggen komen, maar voor een zacht prijsje kon iemand houten telefoonpalen regelen, die jaren dienst gedaan hebben of nog doen als brug. De huidige parkeervelden werden aangelegd met een goedkope weg van hoogovenslakken, die pas na jaren van stof en ellende vervangen werd door de huidige weg. Wel zijn de knotwilgen uit die tijd gebleven langs het pad en bij andere slootkanten. Er is n.l. flink wat afgeplant in die tijd, honderden bomen en struiken, waardoor er nu continue gesnoeid en gezaagd moet worden om een oerwoud zonder zon te voorkomen. De Westfriese zeeklei blijft ook na 40 jaar zonder enige bemesting nog erg vruchtbaar.

Er werd in 1987 een plan gemaakt voor een idyllische vijver, dat een jaar later al uitgevoerd werd, met een mooi uitzicht en een wal voor zonnen in de luwte van de wind. Een niet meer weg te denken verfraaiing van het terrein, waarbij de wal in die winter nog meteen als skihelling gebruikt werd. In het begin was de vijver nog zwembaar, maar na bultjes, uitslag en jeuk werd afgeraden te zwemmen. Inmiddels hebben o.a. eenden, meerkoeten, kikkers, vissen en vooral lisdodden (fakkels), waterlelies en riet bezit genomen van de inmiddels ondiepe vijver, waardoor het meer een natuurgebied is geworden.

Dat past uitstekend bij de traditionele avondconcerten, die nog steeds gehouden worden in de zomermaanden. De muziek heeft al die jaren een belangrijke rol op het terrein gespeeld, evenals het (volks)dansen voor oud en jong. Kortom op de helft van de jaren 80 had het terrein grotendeels zijn huidige vorm al. De Vijverhof was nog alleen voor gasten en tenten en het huidige gastenveld was een lekker trapveldje. Voor telefoneren was er een mooie groene PTT cel, waar alleen kwartjes in konden. Inmiddels is deze weggehaald na alle mobiele mogelijkheden van o.a. KPN en de cel heeft zijn laatste rustplaats bij Piet Groot op het erf.

De penningmeester merkte, dat bij de uitbreiding van het terrein de lasten mee omhoog gingen van de elektra, water, riolering en gas (aanvankelijk flessen, maar gelukkig 10 jaar geleden vervangen door de aanleg van een aardgasleiding). Er werd serieus gesproken over een windmolen (binnen 10 jaar terugverdiend en daarna winst), maar de leden bleven net zoals nu kiezen voor een eenvoudig terrein zonder stroomplaatsen, niet wetend, dat ook de algemene voorzieningen steeds meer elektra vragen. Uiteindelijk ontkom je dan niet aan een dikkere elektrakabel, eindelijk in 2010, al vraag je de jeugd (vroeger en nu) ook om minder lang te douchen.

Ieder jaar kwamen er van overheidswege steeds meer regels t.a.v. hygiene, milieu, veiligheid e.a. met de gebruikelijke regelmatig hoger wordende heffingen. Het aantal tenten en vouwwagens werd wel elk jaar minder en tegenwoordig zijn het zeldzame verschijningen, zeker op de vaste plekken en nog wel af en toe op de gastenplekken. Zelfs de eenvoudige caravan is opgevolgd door een exemplaar voorzien van alle luxe, waar met zonnepanelen en accu’s (hoezo milieuvriendelijk?) de benodigde energie wordt opgewekt aangevuld met gasflessen.

Het terrein kreeg ook steeds meer bekendheid in de omgeving en om de hoek tegenover café Halfweg hadden de inmiddels verdwenen slager en kruidenierswinkel een flinke verhoging van de omzet tijdens het kampeerseizoen. Bij de tennisclub kon je toen ook al net zoals nu tegen gereduceerd tarief tennissen en er waren een of meer jaarlijkse volleybalwedstrijden tegen teams van de dorpsvolleybalvereniging ” De Schorpioen” in de sporthal, maar ook op het veld. Het naturisme werkte zo aanstekelijk voor een aantal van deze volleyballers, dat ze solidair broek en shirt uitdeden tijdens het spel. Het leverde de vereniging daarna meteen flink wat nieuwe sportieve leden op.

De Tienerkooi bij de huidige kluskooi werd na verwaarlozing weer helemaal opgeknapt en nieuw ingericht. De Tienerkooi wist veel jeugd te trekken, zelfs zoveel dat er natuurlijk over geklaagd werd. Er kwam een strenger reglement met een leeftijdsgrens voor te jonge en te oude kinderen.

Deze geest van de jaren tachtig is terug te vinden in een aantal Vrije Vogelnieuwsen: een uitvoerige en regelmatige discussie over het gebruik van hasj (kan wel,kan niet en uiteindelijk verboden buiten je tent of caravan), na “speciale gebeurtenissen” op de discussieweekends werden deze maar helemaal afgeschaft. De bar in de Klepkooi was ook na het sluitingsuur erg geliefd, zodat er een barklep kwam, die op slot kon. Het haar groeide overal welig, vooral bij de mannen op de plekken, waar geen schaamte voor was.

De trend voor ontharing op deze plaatsen kwam pas later. De redactie stond bloot doormidden op de foto,waarbij de passende onder- en bovenkant bij elkaar gezocht moest worden. In het VVN stonden nog meer flink pittige en kritische teksten van o.a. de Vogelverschrikker, die voor menig bestuurslid een schrik was. T.z.t. zal ik hieruit wat leuke, confronterende, gezellige en andersoortige teksten publiceren, zoals de opsomming over de veelheid van activiteiten op het terrein met dia avonden, rommelmarkten, spelletjes,volksdansen en ook de nu nog drukbezochte koffiezondagen op de eerste dag van de maand.

De oude “verlengde” klepkooi was dringend aan vervanging toe en er werd in 1988 binnen de begrote f 120.000 in recordtijd een prachtige nieuwe Klepkooi weer grotendeels door leden zelf opgebouwd. Het was een enorme klus, maar het verenigingsgebouw functioneert met flinke aanpassingen van de bar, de keuken, het voorraadhok en de zolder nu na 20 jaar nog uitstekend op de historische zandplaat. Vroeger had de zee n.l. klei met kreken in West-Friesland gevormd. Na de aanleg van de Westfriese Zeedijk is de klei ingeklonken tot het lage weilandendeel en de met zand gevulde kreken zijn nu de hoge delen en meer geschikt voor tuinbouw (fruitbomen) en gebouwen, zoals de Klepkooi. Met dit zand uit zo’n kreek is de toegangsweg aangelegd.

De jaren 70 en 80 waren de jaren, waarin eindelijk vrijwel alles kon en mocht, maar deze vrijheid bleek uiteindelijk toch weer ingeperkt moeten worden door regels en voorschriften. Voor de Vrije Vogels waren deze jaren uiteindelijk jaren van gezamenlijk hard werken met vele diverse activiteiten. Ik heb van vele leden uit die tijd gehoord, dat mede hierdoor het de leukste en gezelligste jaren van hun leven waren.

 

Hoofdstuk 5: 1990-2010 Naar een gesettelde en gerenommeerde Naturistenvereniging

Het twintigjarig bestaan werd in 1990 groots gevierd, natuurlijk met veel festiviteiten en cabaret in de volledig nieuwe Klepkooi met een feesttent ernaast. Na al die pioniers- en opbouwjaren werd er nog genoeg gedaan, maar het was meer een uitbreiding en verbetering van wat we al hadden. Steeds nog meer snoeien van wat vroeger eerst nog moest groeien. De gebouwen renoveren om ze ook voor de toekomst geschikt te maken. Het bloed, zweet en tranen zijn van een andere orde dan die eerste jaren, toen alles vanuit het niets moest worden opgebouwd. Bij de NFN waren we één van de meest toonaangevende grootste naturistenverenigingen geworden met een belangrijke inbreng. Menig VV lid maakte deel uit van de NFN organisatie. Dat had zo zijn voordelen, want bij zo een vereniging hoort ook de aankoop van een eigen terrein in eigen beheer.

Het pachtcontract met Piet Groot liep n.l. in 1996 af en hij had al vroeg te kennen gegeven het terrein aan de vereniging te willen verkopen. De onderhandelingen met Piet Groot in 1992 en 1993 over de verkoop van het terrein verliepen echter van beide kanten zeer moeizaam, omdat de vereniging dacht het recht van koop voor tuinbouwgrond te hebben en de andere partij wilde met een recreatiegrondprijs inhalen, wat hem de laatste jaren tekort was gedaan. Toen vanwege onoverkomelijke verschillen van mening een overeenkomst vrijwel niet meer mogelijk leek te zijn en de advocaten het zouden gaan uitvechten, hebben enkele wijze oud-bestuursleden het initiatief genomen om naar een compromis te zoeken. Dat is toen betrekkelijk snel gelukt en toen kon op 15 mei 1994 het contract getekend worden, waarbij beide partijen er uiteindelijk voordeel van hadden.

Er was al aardig wat geld gereserveerd en via de NFN contacten kon er snel, veel en tegen aantrekkelijke voorwaarden worden geleend om deze grootste uitgave van de vereniging te financieren. Op het nu “eigen” terrein moest n.l. in korte tijd flink geïnvesteerd worden, want na de verhuizing van de tienerkooi naar de nieuwe Klepkooi, werd het voormalige sterk vervallen tienerverblijf gebruikt om te klussen. Voor alle inmiddels noodzakelijke apparatuur, grasmaaiers, tractor e.a. was daar geen plaats. Er werd een plan gemaakt om op deze plek een groot gebouw te plaatsen voor al deze zaken en gelijk inpandig een nieuw pomphuis in te richten voor het zwembad. Het toenmalige zuiveringssysteem voldeed n.l. niet meer aan de steeds hogere eisen van hygiëne en veiligheid. Een ploeg vrijwilligers (op professionele wijze gerekruteerd uit de leden) begon in 1995 met de sloop van de voormalige tienerkooi om daarna met de bouw te kunnen beginnen. Eerst werd het moderne pomphuis ingericht, wat nog steeds als voorbeeld dient voor andere terreinen met zwembad.

Na de bouw van het “”BTK hotel” of Kluskooi met zwembadzuiveringsinstallatie werd het zwembad gerenoveerd vanwege de verzakkingen in de bodem. Dit was weer hard werken met een mooi resultaat, maar het water bleef helaas onveranderd koud. Het zwembad werd passend geopend met een 12 uur estafette zwemmarathon van ’s avonds tot ‘s morgens, waarna de deelnemers bijna door de kou waren bevangen. In de jaren tachtig is ooit geprobeerd om met isolatieafdekking en zonnewarmte de temperatuur te verhogen, wat ook lukte, maar in het water kwam groene algenuitslag. Na de legionella uitbraak in 1999 bij de Westfriese Flora werd verwarming helemaal te riskant gevonden en spoelt men nu juist extra met koud water. Misschien na 40 jaar toch weer eens proberen met nieuwe technieken als jubileumgeschenk?

De aanvankelijk zeer ruime Kluskooi werd al spoedig te klein voor de opslag van materialen, werktuigen, machines e.a. zaken, zodat er al snel plafonds in aangelegd werden. Nu met nog meer voertuigen en apparatuur is er een overkapping als extra uitbreiding gepland. Dat is zeker nodig om voor al de extra machines een veilige plek te maken. Nederlandse naturistenverenigingen hebben bij de vakantie-NFN’ers in het buitenland vaak de naam, dat je er altijd moet werken, maar men beseft niet, dat alleen met al die vrijwillige hulp het terrein leefbaar maar vooral betaalbaar kan blijven. Zeker door al de wetgeving met regels, die juist in de afgelopen 10 jaar steeds meer een eigen leven zijn gaan leiden. Vroeger werd er grotendeels gewerkt om de keuze voor een betere outillage, tegenwoordig moet het aangepast worden vanwege de ARBO regels, Brandvoorschriften, Hoogheemraadschapeisen, Warenkeuringsdiensten, etc.

Het onderhoud werd na de aankoop op het terrein flink aangepakt, waarbij net als nu regelmatig oproepen gedaan werden voor meer vrijwilligershulp. Het is dan achteraf bijna niet voor te stellen, dat de vorige eigenaar, Piet Groot het onderhoud aan de singels en sloten vrijwel in zijn eentje heeft gedaan. Dat heeft hem trouwens bijna zijn leven gekost, toen hij door de kettingzaag in zijn been werd geraakt en met moeite zijn boerderij heeft gehaald voor hulp . Inmiddels wordt iedere keer benadrukt om veilig te werken in tweetallen of meer.

Het werd in 1996 na de Kluskooi en Zwembad-renovatie ook tijd voor een goede beheerderswoning, want Piet en Wilma waren na een overgangsjaar in 1995 als beheerderechtpaar gekozen, wat ze tot nu toe met grote tevredenheid hebben gedaan. De tijdelijke oude vochtige, maar wel knusse stacaravan met een apart geel kantoortje ernaast, werd door een prachtig houten Zweedse logbouw woning met kantoor vervangen. Op het heien na, is de woning ook weer voor het grootste deel door de “handige” leden gebouwd en onderhouden. Een “rijke” entree volgens bekenden en vooral onbekenden, als je het terrein komt oprijden.

Er waren eind jaren 90 zoveel leden en niet-leden, die gebruik wilden maken van het verenigingsterrein, dat we ruimte tekort kwamen. Er werd daarom regelmatig, net als bij de NFN toernooien, het landje van de slager voor het parkeren van de auto’s gehuurd, waardoor er gekampeerd kon worden op de parkeervelden. De inkomsten stegen navenant en ook de diversiteit van leden en gasten werd groter. De vraag was toen en komt regelmatig terug, wanneer ben je naturist en wanneer nudist. Hierbij werd regelmatig het begrip ook omgedraaid, zodat het langzamerhand onoverzichtelijk is geworden of nudist bij alleen naakt hoort en naturist naakt met de natuur. Tegenwoordig hoor je ook meer naturist dan nudist, omdat dit gevoelsmatig blijkbaar beter overkomt. In de beleidsplannen, die vrijwel elke vijf jaar zijn opgesteld, bleef steeds het primaire uitgangspunt om een eenvoudig verenigingsterrein te blijven, dat voor en door naturisten geleid en onderhouden wordt.

De verscheidenheid mag groot zijn, mits het respect voor elkaar maar blijft bestaan. Op het grensvlak hiervan ontstonden en ontstaan toch verschillen van inzicht. Onschuldige zaken, zoals “shandy” (jeugdbier met snor?), alternatieve levensbeschouwingen en geneeswijzen, tatoeages, een biljard, te lange caravans, etc. geven meestal geen aanleiding tot grote meningsverschillen, maar meer stof voor interessante en soms flinke en drukke discussies. Veel meer en hevige irritaties gaven de discussies over het piercingverbod en het rookverbod in de Klepkooi. Het lotingsysteem voor de vaste plaatsen wordt nog steeds gehanteerd, maar het toewijzingsysteem van de voorkeursplaatsen wordt ieder jaar moeilijker te hanteren, zeker nu enkele plaatsen voorzien zijn van stroom. Er zijn n.l. teveel mensen, die voor deze plaatsen in aanmerking willen komen.

We willen nog steeds graag een eenvoudig terrein,maar we zijn terecht erg blij met de gerenoveerde toiletgebouwen en andere goede voorzieningen. Ondanks of misschien juist dankzij deze discussies blijft de naturistische sfeer en saamhorigheidsgevoel gewaarborgd, waardoor nieuwe leden zich toch meestal al snel thuisvoelen. De gezellige gemeenschappelijke activiteiten en contacten dragen daar mede aan bij.

Toch gaan de laatste 10 jaar voor het gevoel van meerdere leden verhoudingsgewijs nu minder over de essentie en het samen beleven van het naturisme, maar meer over het onderhoud en beheer van het terrein en de daarbij goed draaiende opgebouwde organisatie. Wat dat betreft zijn de Vrije Vogels ook meer een afspiegeling van de huidige consumptiemaatschappij geworden. Het besturen van de vereniging en het beheer van het terrein vereisen echter nog steeds veel vrijwilligers, want uitbesteding zou de kosten flink onbetaalbaar maken. We moeten dus zuinig zijn op deze mensen, die met te weinigen teveel moeten doen.

Dankzij hen zijn de beide toiletgebouwen Het Gemack (al uit 1976) en De Tobbe (1986 bij de uitbreiding) weer helemaal volgens de laatste voorschriften en regels van 2005 t/m 2010 verbouwd, nu zelfs met vloerverwarming. De paden zijn nu grotendeels betegeld en het “Bierhuisje” is van opslaghok een mooie overdekte ruimte + opslag geworden . Het zwembad is tussendoor ook nog hersteld, zodat er voorlopig alleen grote noodzakelijke investeringen op elektra te verwachten zijn. Renovatie van de Klepkooi met wel of geen inpandige sauna zal hierdoor ook even moeten wachten, net zoals de vele saunacommissies al eerder ervaren hebben. Met de voorzieningen, die we nu hebben, kunnen we onderling goed leven op het terrein.

Na al die jaren kunnen we genieten van een mooi onderhouden verenigingsterrein, goed geoutilleerd, waar de naturisten in goede harmonie met de (boomgaard)natuur kunnen leven. Het groenbeheersplan, opgesteld door de inmiddels opgeheven groencommissie, zorgt daarvoor. Naast de tegenwoordig deskundig gesnoeide fruitbomen met aanvulling van nieuwe bijpassende fruitbomen en de vele struiken en bomen komen er inmiddels op verscheidene plekken redelijk zeldzame planten voor, zoals de roodbruine wespenorchis.

Ook beesten weten ons terrein tot genoegen en ongenoegen van de aanwezige leden te vinden. De mollen, maar vooral de ratten worden niet erg op prijs gesteld. De algemene teruggang van woelmuizen, egels en hazen is op het terrein niet te merken, wel mis ik de fazanten van vroeger. Hopelijk komen die ondanks de geruchten over jagen in de winter net als de konijnen weer terug. De schuld ligt zeker niet bij de zeldzame waarnemingen van hermelijnen, bunzingen, vossen en marters. Samen met de vele vogels (o.a. winterkoninkje, roodborstje, pimpelmees, koolmees, ransuil, bonte specht, eenden, meerkoeten, waterhoentjes, grutto’s, scholekster, overvliegende roofvogels) is het terrein een prachtig gebied geworden voor de natuur en de ruim 600 Vrije Vogels.

Sommigen zoeken vertier en gezelligheid in de Klepkooi en op “hun” veldje en anderen zoeken juist de rust op de “stille” veldjes en de zonneweide. De “Vrije Vogels” biedt veel voor vogels van verschillende pluimage, mits er respect voor elkaar is, want het Vrije Vogels motto vanaf het begin geldt voor mij nog steeds: “De vrijheid van de één eindigt, waar die van de ander begint.

Het is dit jaar weer tijd voor een mooi 50 jarig jubileumfeest als opmaat voor het grote 50 jarig jubileumfeest over 10 jaar en geen voorspellingen meer over het hoe dan zal zijn op Midwoud. De diverse vooruitblikken en verwachtingen bij de vorige jubilea zijn uiteindelijk ook heel anders uitgekomen.

Jan van Leeuwen, 14 maart 2019